Iedereen die wel eens zijn belastingaangifte invult, weet dat box 3 voor de meeste vragen zorgt. Het heffingsvrij vermogen wordt in 2026 verlaagd naar €51.396 per persoon, een forse daling ten opzichte van 2025. In dit artikel leggen we stap voor stap uit hoe u box 3 berekent, wat de tarieven zijn en welke veranderingen er in 2027 aankomen.
Heffingsvrij vermogen 2026 (alleenstaande): €51.396 ·
Fictief rendement spaargeld 2026: 0,92% ·
Fictief rendement beleggingen 2026: 5,88% ·
Belastingtarief box 3 2026: 36% ·
Invoering werkelijk rendement: 2027
Overzicht
- Tarief 36% in 2026 (Raisin (financieel vergelijkingsplatform))
- Heffingsvrij vermogen verlaagd naar €51.396 in 2026 (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- Exacte percentages voor werkelijk rendement in 2027 (SRA (accountantsorganisatie))
- Definitieve hoogte heffingsvrij vermogen na 2026 (SRA (accountantsorganisatie))
- 2026: fictief rendement en tarief 36% (Belastingdienst (overheidsinstantie))
- 2027: werkelijk rendement voor vastgoed (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- Nieuw stelsel werkelijk rendement vanaf 2028 (SRA (accountantsorganisatie))
- Overgangsregeling voor woningbezitters (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
De belangrijkste parameters voor de box 3-berekening in 2026 zijn:
| Onderdeel | Waarde 2026 |
|---|---|
| Heffingsvrij vermogen (alleenstaande) | €51.396 |
| Heffingsvrij vermogen (fiscale partners) | €102.792 |
| Fictief rendement spaargeld | 0,92% |
| Fictief rendement beleggingen | 5,88% |
| Fictief rendement schulden | 2,62% (voorlopig) |
| Belastingtarief | 36% |
Hoe bereken je box 3 uit?
Het berekenen van uw box 3-belasting begint met het vaststellen van uw rendementsgrondslag. De Belastingdienst (overheidsinstantie) hanteert een vaste methode: u deelt uw vermogen op 1 januari in drie categorieën – banktegoeden, overige bezittingen en schulden – en past per categorie een forfaitair rendementspercentage toe. Het totale fictieve rendement vermenigvuldigt u met het tarief van 36%.
Wat is de rendementsgrondslag?
- Rendementsgrondslag = totale bezittingen minus totale schulden (Belastingdienst (overheidsinstantie))
- Van dit bedrag trekt u het heffingsvrij vermogen af: €51.396 per persoon (€102.792 voor fiscale partners)
- Alleen het bedrag boven de drempel wordt belast
Hoe verdeel je vermogen in categorieën?
- Banktegoeden: spaarrekeningen, contant geld, deposito’s (Vertex Accountancy (belastingadviseur))
- Overige bezittingen: aandelen, ETF’s, crypto, tweede woning, verhuurd vastgoed
- Schulden: hypotheek op tweede woning, persoonlijke leningen (verminderd met drempel)
Hoe pas je het fictief rendement toe?
- Spaargeld: 0,92% over het saldo na heffingsvrij vermogen
- Beleggingen: 5,88% over de waarde van overige bezittingen
- Schulden: 2,62% (aftrekbaar, verlaagt het totale rendement)
- Optellen per categorie = fictief rendement
- Fictief rendement × 36% = te betalen belasting (Raisin (financieel vergelijkingsplatform))
Spaarders betalen in 2026 naar verwachting aanzienlijk minder dan beleggers, omdat het forfaitaire rendement op spaargeld nog geen 1% bedraagt tegenover bijna 6% op beleggingen. Uw vermogensmix bepaalt dus in hoge mate de belastingdruk.
Samenvatting: De box 3-berekening bestaat uit vier stappen: rendementsgrondslag bepalen, heffingsvrij vermogen aftrekken, per categorie het forfaitaire rendement berekenen en dat vermenigvuldigen met 36%. Voor spaarders is de belastingdruk laag; beleggers moeten rekenen op een hogere heffing.
Hoeveel belasting betaal je over 100.000 euro in box 3?
Het antwoord hangt volledig af van de verdeling van uw vermogen. We laten drie rekenvoorbeelden zien die het verschil tussen sparen en beleggen duidelijk maken.
Rekenvoorbeeld: 100.000 euro spaargeld
- Vermogen op 1 januari 2026: €100.000
- Heffingsvrij vermogen: €51.396
- Rendementsgrondslag: €100.000 – €51.396 = €48.604
- Fictief rendement (0,92%): €48.604 × 0,0092 = €447,16
- Belasting (36%): €447,16 × 0,36 = €160,98
Bij volledig spaargeld bedraagt de box 3-heffing dus ongeveer €161.
Rekenvoorbeeld: 100.000 euro beleggingen
- Vermogen: €100.000 in aandelen/ETF’s
- Heffingsvrij vermogen: €51.396
- Rendementsgrondslag: €48.604
- Fictief rendement (5,88%): €48.604 × 0,0588 = €2.857,92
- Belasting (36%): €2.857,92 × 0,36 = €1.028,85
Een verschil van maar liefst €868 in het nadeel van de belegger, terwijl het vermogen identiek is.
Rekenvoorbeeld: 500.000 euro (gemengd vermogen)
- €200.000 spaargeld, €200.000 beleggingen, €100.000 schulden
- Saldo bezittingen: €400.000, schulden: €100.000 → rendementsgrondslag €300.000
- Heffingsvrij vermogen: €51.396 → belastbaar €248.604
- Verdeling fictief rendement: spaargeld €248.604 × (200.000/400.000) × 0,92% = €1.143,58; beleggingen €248.604 × (200.000/400.000) × 5,88% = €7.308,96; schulden – €100.000 × 2,62% = –€2.620
- Fictief rendement totaal: €1.143,58 + €7.308,96 – €2.620 = €5.832,54
- Belasting (36%): €5.832,54 × 0,36 = €2.099,71
De mix van sparen en beleggen leidt tot een gemiddelde belastingdruk, maar schulden werken aanzienlijk verlagend.
Hoe groter het aandeel beleggingen in uw box 3-vermogen, hoe hoger de belasting – ondanks dat het daadwerkelijke rendement soms lager kan uitvallen. Dit is precies de kritiek die leidde tot het voorstel voor werkelijk rendement vanaf 2027.
Deze voorbeelden laten zien hoe de vermogensmix direct de belastingdruk beïnvloedt.
Wat verandert er in 2027 als je je huis verkoopt?
Vanaf 2027 verhuist de eigen woning definitief naar box 1. Dat heeft grote gevolgen voor wie zijn huis verkoopt en de overwaarde in box 3 ziet belanden.
Nieuwe regels voor vastgoed in box 3
- De eigen woning valt niet meer onder box 3 maar onder box 1 (eigenwoningforfait) (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- Verkoop van een woning kan leiden tot een heffing in box 3 over de overwaarde, als die niet opnieuw wordt geïnvesteerd
- Er komt een overgangsregeling voor bestaande situaties, maar details zijn nog niet definitief
Hoe wordt de waarde van de woning bepaald?
- Peildatum is nog 1 januari van het belastingjaar – bij verkoop halverwege het jaar telt de waarde op verkoopmoment (Vertex Accountancy (belastingadviseur))
- De overwaarde wordt aangemerkt als ‘overige bezitting’ in box 3
- Beleggers in vastgoed krijgen te maken met werkelijk rendement, niet met forfaitair rendement
Wat betekent dit voor de belastingaangifte?
- U moet de overwaarde aangeven bij overige bezittingen
- Eventuele schulden (hypotheek op de oude woning) zijn aftrekbaar
- Het werkelijke rendement op verhuurd vastgoed wordt geheven tegen 36% (SRA (accountantsorganisatie))
Wie zijn woning in 2027 verkoopt en de overwaarde op een spaarrekening zet, kan plotseling in box 3 een fors hoger fictief rendement betalen over dat bedrag – tenzij het geld binnen de overgangsregeling wordt gebruikt voor een nieuwe hypotheek.
Voor huiseigenaren wordt het dus essentieel om de overwaarde tijdig te herinvesteren.
Hoe bereken je de belasting over spaargeld in box 3?
Spaargeld heeft het laagste forfaitaire rendement, maar door de verlaging van het heffingsvrij vermogen kan ook de spaarder meer belasting gaan betalen. Volg deze vier stappen.
- Stap 1: Bepaal uw spaargeld op 1 januari 2026
- Stap 2: Pas het heffingsvrij vermogen toe – €51.396 voor alleenstaanden, €102.792 voor partners
- Stap 3: Bereken het fictief rendement: (spaargeld – drempel) × 0,92%
- Stap 4: Vermenigvuldig met 36% – dat is uw te betalen belasting
Voorbeeld: €80.000 spaargeld, alleenstaand. Drempel €51.396 → belastbaar €28.604. Fictief rendement €28.604 × 0,0092 = €263,16. Belasting €263,16 × 0,36 = €94,74.
Het fictief rendement op spaargeld (0,92%) is vele malen lager dan op beleggingen (5,88%). Daarom is het voor spaarders essentieel om te controleren of hun saldo boven de drempel uitkomt. Wilt u precies weten hoeveel u mag sparen zonder drempel? Lees ook: Hoeveel geld mag je op je spaarrekening hebben?
Hoe bereken je box 3 belasting in 2026?
Het jaar 2026 vormt een overgangsjaar: het fictieve stelsel blijft van toepassing, maar met aangepaste percentages en een lager heffingsvrij vermogen. Een vergelijking met 2025 maakt de trend zichtbaar.
| Onderdeel | 2025 | 2026 (voorlopig) |
|---|---|---|
| Heffingsvrij vermogen | €57.684 | €51.396 |
| Fictief rendement spaargeld | 1,44% | 0,92% |
| Fictief rendement overige bezittingen | 5,88% | 5,88% |
| Fictief rendement schulden | 2,70% | 2,62% |
| Belastingtarief | 36% | 36% |
Het lagere heffingsvrij vermogen in 2026 betekent dat u over een groter deel van uw vermogen belasting betaalt. Het iets lagere fictieve rendement op spaargeld compenseert dat gedeeltelijk, maar voor beleggingen blijft de situatie gelijk.
Vooruitblik naar 2027
- Vanaf 2027 wordt voor vastgoed het werkelijk rendement ingevoerd
- Het tarief blijft naar verwachting 36% (SRA (accountantsorganisatie))
- De overgang naar een volledig stelsel op basis van werkelijk rendement is voorzien in 2028
Spaarders profiteren in 2026 van het lage forfaitaire rendement, maar het lagere heffingsvrij vermogen eist zijn tol. Beleggers zien hun belastingdruk niet dalen en moeten rekening houden met de komende stelselwijziging.
Het is raadzaam om nu alvast na te denken over de impact van de stelselwijziging op uw vermogensopbouw.
Tijdlijn
- 2026: Fictief rendement percentages worden aangepast; tarief blijft 36%. Heffingsvrij vermogen daalt naar €51.396. (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- 2027: Invoering werkelijk rendement voor vastgoed; eigen woning verhuist naar box 1. (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- 2028: Nieuw box‑3‑stelsel op basis van werkelijk rendement voor alle vermogenscategorieën. (SRA (accountantsorganisatie))
Bevestigde feiten en wat onduidelijk is
Bevestigde feiten
- Tarief box 3 2026 is 36% (Raisin (financieel vergelijkingsplatform))
- Heffingsvrij vermogen 2026 is volgens kabinetsvoorstel €51.396 (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
- Fictief rendement spaargeld 2026 is 0,92% (voorlopige cijfers)
- Fictief rendement beleggingen 2026 is 5,88% (voorlopige cijfers)
- Vanaf 2027 valt eigen woning onder box 1 (Rijksoverheid (kabinetsvoorstel))
Wat onduidelijk is
- Exacte percentages voor werkelijk rendement in 2027 (SRA (accountantsorganisatie))
- Details overgangsregeling voor woningverkoop
- Hoogte heffingsvrij vermogen na 2026
Citaten van experts
Het fictief rendement wordt berekend op basis van de werkelijke verdeling van uw vermogen.Belastingdienst (overheidsinstantie)
Het kabinet stelt voor het forfaitaire rendement voor overige bezittingen in box 3 vanaf 2025/2026 anders te berekenen.Rijksoverheid (kabinetsvoorstel)
Deze citaten onderstrepen de officiële lijn: het fictieve stelsel blijft in 2026 van kracht, maar de overheid werkt aan een fundamentele herziening.
De impact van de nieuwe regels voor vastgoed in 2027 is groot, maar de uitvoering is nog onzeker. Voor wie nu zijn box 3-positie in kaart brengt, is het verstandig om de ontwikkelingen nauwlettend te volgen en tijdig advies in te winnen.
fortus.nl, brys.nl, berekenhet.nl, abnamro.nl, raisin.com, belastingdienst.nl, financiallifeplan.nl
Wil je weten hoeveel vermogensbelasting over €150.000? In ons rekenvoorbeeld voor 2024 tonen we de precieze heffing op basis van de verdeling tussen spaargeld en beleggingen.
Veelgestelde vragen
Wat is het heffingsvrij vermogen?
Het heffingsvrij vermogen is het bedrag dat u in box 3 onbelast mag houden. In 2026 bedraagt het €51.396 per persoon (€102.792 voor fiscale partners).
Kan ik schulden aftrekken in box 3?
Ja, schulden (zoals een persoonlijke lening of hypotheek op een tweede woning) zijn aftrekbaar, maar er geldt een drempel.
Hoe geef ik beleggingen aan in box 3?
Beleggingen zoals aandelen, ETF’s, crypto en een tweede woning vallen onder ‘overige bezittingen’. U geeft de waarde op 1 januari aan.
Wat is het tarief voor box 3 in 2027?
Het tarief blijft naar verwachting 36%, maar de berekening verandert: voor vastgoed wordt het werkelijk rendement geheven.
Moet ik box 3 betalen over mijn huis vóór 2027?
Nee, de eigen woning valt tot 2027 in box 1. Pas bij verkoop kan de overwaarde in box 3 terechtkomen.
Wat gebeurt er als ik spaargeld en beleggingen heb?
Uw vermogen wordt verdeeld over de categorieën. Per categorie geldt een eigen fictief rendement. Het totale rendement wordt opgeteld en belast tegen 36%.
Hoe bereken ik box 3 als ik een partner heb?
U en uw partner delen het heffingsvrij vermogen: €102.792 in 2026. U kunt de verdeling van het vermogen zelf kiezen, maar elke categorie krijgt een eigen rendement.
Bent u ook benieuwd naar schenkbelasting? Lees dan hoeveel schenkbelasting u moet betalen.

